Kamerplant · Asparagaceae

Afrikaanse Speer

Dracaena angolensis

Fel licht en een droge pot tussen de beurten door is zo'n beetje alles wat deze onopvallende speerplant van je vraagt.

Licht

Helder indirect

Water

Elke 14–⁠30 dagen

Winterhardheid

tot -1°C

Volwassen formaat

0,6–⁠2,1 m

Giftig voor katten, honden, paarden en meer
Afrikaanse Speer

Overzicht

Als een kamerplant je ooit de baas is geweest, is de Afrikaanse speer een fijne plek om opnieuw te beginnen. Het is een vrouwentong met een twist: stijve, ronde speren die rechtop staan in plaats van platte bladeren. De plant komt oorspronkelijk uit het droge zuiden van tropisch Afrika en is dus gebouwd om een gemiste beurt water moeiteloos te doorstaan. Botanici noemen hem tegenwoordig Dracaena angolensis, al kennen veel kwekers hem nog altijd onder de oudere naam Sansevieria cylindrica.

De charme zit vooral in die vorm. Elk blad loopt uit in een glad, rond puntje, en de speren waaieren vanaf de voet uit tot een net waaiertje. Sommige kwekers vlechten de jonge bladeren samen, en bij het tuincentrum kom je misschien ook de korte, stevige vorm 'Boncel' tegen, maar onder die styling schuilt dezelfde geduldige, traag groeiende plant. Welke variant je ook meeneemt, je krijgt iets waar je bijna niets fout aan kunt doen.

Het geruststellende nieuws: deze plant heeft veel meer moeite met te veel aandacht dan met te weinig. Zet hem in fel licht, laat de grond tussen de beurten door goed opdrogen, en hij houdt jarenlang zijn fraaie vorm. De enige echte misstap is te gul zijn met de gieter, want een zware, natte grond laat de voet van binnenuit wegrotten. Hou het rustig aan, en bijna al het andere vergeeft hij je moeiteloos.

Verzorging

De korte versie: zet hem ergens met veel zacht, fel licht, gebruik een snel afwaterend, grofkorrelig mengsel en wacht met water geven tot de grond helemaal droog aanvoelt, meestal ongeveer om de twee weken in de zomer en maandelijks in de winter.

Licht

Hij is het gelukkigst in fel, indirect licht, maar vindt zich in bijna elke plek, van een zonnige vensterbank tot een schaduwrijk hoekje. In schemerig licht groeit hij simpelweg nog trager, en dat is geen reden tot zorg. Wen hem wel geleidelijk aan sterke middagzon, anders kunnen de speren verbranden.

Water

Het beste wat je kunt doen, is wachten. Laat de grond helemaal door en door opdrogen, geef dan royaal water en laat het overtollige water goed wegstromen. Dat komt in de zomer meestal neer op om de paar weken een beurt, en in de winter op zo'n beetje één keer per maand. Twijfel je, wacht dan nog een paar dagen langer, want droogte bevalt hem veel beter dan een natte pot.

Bodem

Gebruik een snel afwaterend cactus- of vetplantenmengsel, zodat water er meteen doorheen zakt in plaats van blijft hangen. Die snelle afwatering beschermt de wortels en de voet tegen langdurig vocht, het enige waar deze verder zo taaie plant echt niet tegen kan.

Luchtvochtigheid

Gewone kamerlucht is alles wat hij nodig heeft, en droge lucht deert hem totaal niet. Je hoeft hier niet te sproeien of met een kiezelbakje te klooien, en dat maakt hem zo'n ontspannen huisgenoot.

Bemesting

Voeding is bijna bijzaak. Een lichte, maandelijkse gift allround meststof op halve sterkte in het voorjaar en de zomer is alles wat hij vraagt, en in de winter laat je de fles gewoon staan.

Snoeien

Hier is weinig te doen. Snoeien blijft minimaal: knip gewoon elk blad weg dat beschadigd is of bij de voet begint te rotten, en laat de rest van de bosvorming gewoon zijn gang gaan.

Verpotten

Deze plant groeit traag en vindt het eigenlijk fijn om wat krap te zitten, dus je hoeft maar om de 3 tot 5 jaar te verpotten, of zodra wortels en wortelstokken tegen de pot beginnen te drukken of de zijkanten laten uitpuilen. Als die dag komt, ga je maar één potmaat groter.

Formaat & plantafstand

Na verloop van jaren klimt hij binnenshuis naar 60 tot 210 cm hoog, met een bosvorm die 15 tot 60 cm breed uitwaaiert. Een zware pot is een slim idee, want die rechtopstaande speren kunnen een hoge plant net iets te wiebelig maken.

Problemen oplossen

Maak je niet meteen zorgen als er iets niet in orde lijkt. Bijna alles wat hier misgaat, komt neer op water geven, licht of kou, en je merkt elk van die dingen makkelijk op tijd op. Houd de speren en de voet van de plant goed in de gaten, want daar verschijnen de eerste signalen. Zoek hieronder het symptoom van jouw plant, breng de kleine aanpassing aan die nodig is, en de kans is groot dat hij weer helemaal opknapt.

Ernstig

Een zachte, papperige voet met een zure geur die uit de pot opstijgt

Geen paniek, maar dit is wortelrot, en dat volgt bijna altijd op te veel water in een mengsel dat nat blijft. Haal de plant voorzichtig uit de pot, knip elke zwarte of papperige wortel terug tot gezond, stevig weefsel, en zet hem in verse, grofkorrelige grond. Laat hem daarna gewoon een tijdje droog staan en geef hem de tijd die hij nodig heeft om weer op krachten te komen.

Oplossing:

  • Haal uit de pot en verwijder verrotte wortels
  • Verpot in droge, goed afwaterende grond
  • Geef geen water totdat de plant hersteld is
Terugslag

Speren die geel, zacht en een beetje slap worden

Als de speren geel worden en hun stevigheid verliezen, neemt de plant meestal meer water op dan hij aankan, een klassiek teken van te veel water geven of grond die nat blijft. Zet de gieter even weg en laat de grond helemaal opdrogen voor de volgende beurt. Komt het probleem steeds terug, dan brengt een grofkorreliger mengsel of een beter afwaterende pot uitkomst.

Oplossing:

  • Stop met water geven
  • Laat de grond helemaal opdrogen
  • Verbeter de afwatering
Terugslag

Zachte, verkleurde speren die opduiken na een koudeperiode

Dit is koudeschade, die optreedt zodra de plant onder 13°C komt te staan of met vorst te maken krijgt, want het is een gevoelige tropische plant die alleen in zone 10 en 11 buiten kan overwinteren. Zet hem ergens warm en knip het aangetaste weefsel voorzichtig weg. Zodra de temperatuur dreigt te zakken tot dat punt, haal je hem naar binnen en komt het helemaal goed.

Oplossing:

  • Haal naar binnen
  • Verwijder beschadigd weefsel
Terugslag

Plakkerige laag, witte wattige pluisjes of fijne stippeling op de speren

Plakkerige plekken en kleine wattige pluisjes wijzen meestal op wolluis of schildluis, terwijl fijne stippeling en dun spinsel duiden op trips of spint die zich hebben genesteld. Neem de speren af met een vochtige doek, gevolgd door een beetje insecticidezeep, en houd de plant apart van zijn buren tot hij weer schoon is. Een vriendelijke, regelmatige controle betrapt deze bezoekers ruim voordat ze zich thuis gaan voelen.

Oplossing:

  • Neem de bladeren af met een vochtige doek
  • Behandel met insecticidezeep
  • Isoleer de aangetaste plant
Cosmetisch

Verbleekte of bruine plekken aan de zonzijde

Die bleke, verschroeide plekken zijn zonnebrand, meestal veroorzaakt door felle middagzon of een plotselinge verhuizing van schaduw naar vol licht. Geef alleen ochtendzon, en als je hem in feller licht wilt zetten, doe dat dan geleidelijk over een week of twee in plaats van in één keer. De oude plekken herstellen niet meer, maar geen zorgen, want de nieuwe aanwas komt gaaf tevoorschijn.

Oplossing:

  • Zet hem alleen in de ochtendzon
  • Wen hem geleidelijk aan feller licht

Giftigheid

De bladeren bevatten saponinen, een natuurlijke stof die maakt dat je deze plant beter buiten het bereik van een nieuwsgierig huisdier kunt houden. Een kat of hond die erop kauwt, gaat meestal kwijlen en krijgt een tijdje een vervelende, van streek zijnde maag. Mensen ondervinden er eigenlijk geen last van, al is niets aan de plant bedoeld om te eten, dus zet hem het beste ergens waar kleine kinderen er niet zomaar bij kunnen.

Giftig voor

Katten · Honden · Paarden · Konijnen · Vee · Vogels · Mensen

Katten Mild

Omdat de bladeren saponinen bevatten, gaat een kat die op een speer knaagt hoogstwaarschijnlijk kwijlen en wordt ze een tijdje ziek. Een grotere hap kan de pupillen verwijden en de kat wankel maken, dus zet de plant het beste buiten poot-bereik.

Honden Mild

Een hond die op een speer kauwt, krijgt te maken met wat kwijlen, braken en een periode van diarree. Het goede nieuws is dat het meestal mild blijft en vanzelf wegtrekt zodra de plant ergens veilig staat.

Paarden Let op

Diezelfde saponinen kunnen een paard een onaangename maag bezorgen, dus houd de plant goed uit de buurt van dieren die er misschien een hapje van willen nemen.

Konijnen Let op

Konijnen kunnen net zo min tegen de speren als katten of honden, want ook zij verdragen de saponinen niet. Zet de plant ergens ver buiten hopafstand.

Vee Let op

Grazende dieren kunnen op de saponinen reageren met kwijlen en een van streek zijnde maag, dus zet de plant achter een hek waar vee vrij rondloopt.

Vogels Let op

Een nieuwsgierige vogel die aan de bladeren pikt, kan diezelfde irriterende saponinen binnenkrijgen, dus zet de plant het beste buiten bereik.

Mensen Let op

Mensen hebben er over het algemeen geen last van, al is niets aan de plant bedoeld om te eten. Een kind dat aan een blad knabbelt, kan gaan kwijlen of zich een beetje misselijk voelen, dus zet de plant ergens waar kleine handjes er niet bij kunnen.

Noodnummers

Nederland

Alarmnummer (spoed): 112

België

Antigifcentrum: 070 245 245

Variëteiten

Hier hoef je geen lange lijst uit je hoofd te leren. Er zijn eigenlijk maar twee vormen die de moeite waard zijn om uit elkaar te houden als je in de winkel rondkijkt.

'Boncel' (zeesterrensansevieria)

Dit is een compacte, dwergachtige vorm waarvan de korte, dikke speren laag vanuit de voet uitwaaieren, zodat de hele plant een beetje op een zeester op de grond lijkt.

Gevlochten vorm

Hierbij heeft een kweker meerdere jonge bladstekken voorzichtig samengevlochten terwijl ze nog zacht waren, en de speren groeien vervolgens verder als één gevlochten kolom.

Zo vermeerder je

Meer van deze planten maken is echt eenvoudig, en het is bijna niet fout te doen. De plant delen is de snelste en meest beginnersvriendelijke manier, ruim vóór wachten op stekken of zaad.

ScheurenMakkelijk

Voorjaar of zomer, tijdens het verpotten · Enkele weken

De makkelijkste manier om aan meer planten te komen, is een bosvorm splitsen de volgende keer dat je in het voorjaar of de zomer verpot. Maak de zijscheuten voorzichtig los bij de wortelstok, met wat wortels aan elk stuk, en pot ze apart op. Geef ze een paar weken om te wortelen, en elk stuk groeit vervolgens net als de moederplant.

BladstekkenGemiddeld

Voorjaar of zomer · Enkele weken tot maanden

Je kunt ook stukken blad die je in het voorjaar of de zomer neemt, laten wortelen, al vraagt deze route iets meer geduld. Zet de stekken rechtop in een grofkorrelig mengsel en wacht enkele weken tot een paar maanden tot er wortels verschijnen. Dit is de methode waar kwekers naar grijpen als ze later meerdere stekken willen vlechten.

ZaadVeeleisend

Voorjaar of zomer · Maanden

Zaad is de trage, lange omweg en binnenshuis nauwelijks de moeite waard, want daar bloeit de plant bijna nooit. Zaai vers zaad in het voorjaar of de zomer en houd er rekening mee dat je maanden moet wachten op het eerste teken van leven. De meeste kwekers slaan deze route met plezier over, ten gunste van delen of stekken.

Mythes

Mythe

De zeester-'Boncel' moet wel een eigen soort zijn.

Werkelijkheid

Niet waar. 'Boncel' is slechts een cultivar van Dracaena angolensis, dezelfde plant maar dan in een gedrongener vorm. Het is geen aparte soort, hoe anders die lage waaier van korte speren er ook uitziet naast de hoge vorm.

Mythe

Een gevlochten plant draait zichzelf vanzelf in die vorm.

Werkelijkheid

De vlecht is eigenlijk het werk van de kweker en niet van de natuur. Jonge bladstekken worden met de hand samengevlochten terwijl ze nog buigzaam zijn, en van daaruit houdt de plant simpelweg die vorm vast terwijl ze verder groeit.

Mythe

Vrouwentongen kunnen eindeloos zonder water.

Werkelijkheid

Ze zijn heerlijk geduldig tussen de beurten door, maar eindeloos gaat toch te ver. Reken op water geven zo'n beetje elke twee weken in de zomer en ongeveer één keer per maand in de winter, en wacht altijd tot de grond droog is voordat je giet.

Bronnen